Lyon, Fête des Lumières 2008 Geüpload door portail_culture_lyon.
Ieder jaar op 8 december vieren de inwoners van Lyon het zogenaamde Fête des Lumières (feest van het licht) ter ere van Maria, moeder van Jezus. De oorsprong van het feest ligt in het jaar 1643, toen de stad geteisterd werd door een dodelijke pestepidemie, en (kaars)licht werd ingezet als om de aandacht van de hemel te krijgen en de ziekte te verdrijven. Het lichtfestival in Frankrijk is een ware klassieker in vergelijking met de piepjonge Nederlandse varianten in Gouda (sinds 2004 bestaat Gouda bij kunstlicht) en Eindhoven (vierde editie van Glow in 2009).
Ruim drie en een halve eeuw later is het rituele lichtoffer uitgegroeid tot een jaarlijks festival voor spectaculaire lichtkunst. Overal in de stad worden kleurrijke (bewegende) beelden geprojecteerd op de gevels van beroemde gebouwen, van het stadhuis en musea tot de Cathédrale Saint-Jean en Palais St Pierre.
Cathédrale Saint-Jeanin in zijn oorspronkelijke kleuren tijdens Fête des Lumières
Wat ooit begon als een collectieve daad van een wanhopige bevolking, is nu vooral een exclusief marketinginstrument van het stadsbestuur geworden. Op de officiële website van het festival is te lezen dat het lichtfestijn in 2008 naar schatting 4 miljoen bezoekers heeft getrokken met 80 lichtprojecten en een verkoop van 8 miljoen kaarzen.
Er was (media)aandacht van 14 televisiestations en 11 radiostations en er verschenen meer dan 250 krantenartikelen. Het gevolg was dat alle hotels in de stad tijdens het festival volgeboekt waren en dat de bars en restaurants drie maal hun normale omzet haalden.
Gelukkig is het lijden van de zeventiende eeuwse bevolking dus niet voor niks geweest.
Officiële website Fête des Lumières

2 Reacties
Ronny · 23 juli, 2009 om 13:59
Een snelle reactie en aanvulling aangaande het GLOW-festival te Eindhoven…
Eindhoven heeft een geweldige stap gezet om een lichtfestival te organiseren, zeker als stad die het imago heeft van ‘Lichtstad’. Zelf heb ik alle edities van het festival bezocht (ook vrijwel alle dagen). Wat mij opvalt aan de drie edities die zijn geweest, is dat de organisatie zoekende is naar een voor de bezoeker eenvoudige ‘geografische’ verdeling van de activiteiten. Waar in de tweede editie alles geconcentreerd beleef in de binnenstad, werd de laatste (derde) editie verpest door de spoorzone te gebruiken, waardoor ook ‘Strijp S’ betrokken werd bij het festival. De nadelen liggen dan voor de hand: lang lopen zonder iets te zien en door de ‘onbekendheid’ met de ‘Verboden stad’ (lees: ‘Strijp S’) was er een onbalans in de bezochte activiteiten. Ondanks dit zoeken van de organisatie en de gemeente, worden de projecten groter en imposanter, maar door het onbenut laten van de binnenstad verdwijnen de kleine kunstobjecten die misschien minder spectaculair zijn maar minstens zo bijzonder en imposant.
Daarnaast schort er veel aan de promotie van het festival in Eindhoven. Als kunst- en cultuurliefhebber ben je redelijk snel op de hoogte van allerhande activiteiten, vooral als je jezelf aan de rand van de Eindhovense ‘creative community’ bevindt. Helaas participeren daar niet zoveel mensen in en ook tijdens de duur van het festival heb ik menig stadsgenoot moeten vertellen dat de lichtobjecten die ze zien onderdeel uitmaken van een GLOW. Buiten de stad geniet de activiteit sporadisch aandacht, met uitzondering van de liefhebber. Het GLOW-lichtfestival in Eindhoven zou zich op de kaart kunnen zetten door wellicht nationaal (als eerste stap) meer aan promotie te doen om ook bovenregionale en nationale bezoekers te trekken, misschien met een aantrekkelijk promotiefilmpje zoals van Lyon?
Als lichtstad zou Eindhoven wellicht ook meer kunnen doen aan permanente lichtkunst, dus niet weggestopt in een museum als het Van Abbe of het Centrum Kunstlicht in het oude Philipsfabriekje, maar meer als ‘public art’. Ik heb me altijd al afgevraagd waarom de Gemeente Eindhoven een – relatief – imposante website heeft (http://www.lightcity.nl/), maar dat er zelden activiteiten zijn in de publieke ruimte (met uitzondering van tijdelijke activiteiten als GLOW en de alom met financiële zorgen omhulde ‘Lichtjesroute’ in september), waar Eindhoven echt laat zien dat het de naam ‘Lichtstad’ mag dragen. Monumenten genoeg om in het licht te zetten (wat deels ook al gedaan wordt, maar laten we over de ‘saaiheid’ daarvan maar niet uitweiden): de Philips Lichttoren, het Evoluon, het Centraal Station (dat lijkt op een oude Philips-radio). Misschien een ‘Eindhoven-by-night’ fietsroute om de lange afstanden te overbruggen tussen de Eindhovense ‘Landmarks’?
De vergelijking met Lyon moet niet doordacht worden: het festival is ontstaan uit een religieuze happening en daarom hoeft Lyon zich ook niet permanent als ‘Lichtstad’ te promoten (Frankrijk heeft daar immers Parijs al voor). Eindhoven daarentegen leeft en drijft op zijn imago van het ‘Licht’ en moet zich voortdurend verantwoorden voor deze slogan, helaas slaagt men daar niet in, zeker niet door de overheersende ‘Leading in Technology’ waarmee eerder bedrijven worden aangetrokken: welke toerist gaat nou naar een industrie/technologiestad?
Dan dreigt er ook nog de financiële crisis. Eindhoven is goed in het ‘dreigen met stoppen’ van activiteiten. Ik refereerde al aan de Lichtjesroute die al 20 jaar bedreigt wordt met afblazen (of dan tenminste in moet worden gekort). Met de huidige recessie lijkt Eindhoven meer knopen door te hakken dan ooit: Jazz in Lighttown, Fiesta del Sol… twee ‘spraakmakende’ voorbeelden van activiteiten die regionaal veel aandacht genoten maar dit jaar niet door gaan. Het is een wonder dat Park Hilaria (onder de Eindhovenaren een onbegrepen activiteit) het weet te overleven, voor de Lichtjesroute wordt dit jaar wederom gevreesd, dus het is afwachten of het licht wel voldoende brand om GLOW dit jaar tot een succes te maken.
Eindhoven zou er veel aan gelegen zijn om de stadspromotie ook te verwezenlijken: waar blijft het licht? Misschien is Eindhoven nu de ‘wanhopige bevolking’ en weet de gemeente het nog niet in te zetten als marketinginstrument.
Ronny · 23 juli, 2009 om 14:19
Excuses, nog een aanvulling… als je het zo leest komen de ideeën zo naar boven.
Waar Eindhoven zich misschien mee moet identificeren is de Duitse stad Essen. Essen heeft op een succesvolle manier zijn industrieël verleden (voornamelijk geconcentreerd in Zeche Zollverein, zie: http://www.zollverein.de/) tot cultureel erfgoed gemaakt en tevens ook interessant gemaakt voor een grote groep mensen. En over licht gesproken, de stad is er geweldig in geslaagd om het gebied ook ‘s nachts aantrekkelijk te maken door zijn gebouwen, schachten, spoorlijnen en dergelijke een mooi lichteffect te geven, dat tevens zo is afgesteld dat er ook een goed gevoel van veiligheid is.
Voordelen van Essen is dan wel dat het UNESCO werelderfgoed staat en daaruit ook nog het een en ander aan financiële middelen toekomt. Ander voordeel is dat het Culturele hoofdstad is, maar wellicht wordt Eindhoven dat met de andere vijf grote Brabantse steden (‘BrabantStad’) ook in 2018.